Steven Wouterlood over Mijn bijzonder rare week met Tess: Boontje voor het buitenbeentje

  • 18/11/2019
  • W Interview

Geen enkele kinderfilm sprokkelde dit jaar al zoveel festival awards als Mijn bijzonder rare week met Tess. Voor de opnames van zijn feature film debuut trok de Nederlandse regisseur Steven Wouterlood een maand lang naar Terschelling.

 Sam brengt de zomervakantie door op de Waddeneilanden. In het gezelschap van zijn ouders, zijn grote broer en een massa toeristen, heeft Sam toch de gave om zich ‘alleen’ te voelen. Tot hij Tess ontmoet, een ongrijpbaar meisje met een groot geheim. Vrienden worden met Tess is niet enkel leuk, het is ook een uitdaging, want haar impulsiviteit stelt hun relatie voortdurend op de proef. Een zomer lang leren ze allebei over vriendschap en vertrouwen, en over je familie die je beter kan koesteren dan ervan weg te vluchten.

Gebaseerd op het gelijknamige boek van Anna Woltz ontwikkelt Mijn bijzonder rare week met Tess een heel eigen taal en ritme, dat komt en gaat met de getijden op het eiland. Een film zoals een mooie, verwarrende dagdroom op een hete zomerdag.

Steven Wouterlood: Iedereen heeft z’n eigenaardigheden, en dat is net zo mooi. Mijn film zegt dat ‘een beetje raar’ net heel normaal is. Wanneer Sam voor het eerst Tess ontmoet, hoor je hem luidop denken: “Mensen vinden mij vaak raar, maar dit meisje is nog veel erger.” En dat bedoelt hij als een compliment - daarom vindt hij haar meteen zo leuk. Ik kijk graag door de ogen van iemand die een beetje buiten de groep valt. Daar vind je vaak de mooiste verhalen. Het publiek identificeert zich makkelijk met zulke personages, want iedereen heeft wel eens het gevoel om er niet helemaal bij te horen. Weinig dingen zijn zo geruststellend als een film die jouw werkelijkheid in beeld lijkt te brengen.

De film is gebaseerd op een bijzonder ‘talig’ boek vol woordspelletjes. Hoe lieten die zich naar een film vertalen?

Wouterlood: Toen ik het boek vier jaar geleden voor het eerst las, was ik er meteen dol op. Samen met scenariste Laura van Dijk namen we uitgebreid de tijd om het script te ontwikkelen. Het verbale van het boek vertaalt zich in de dialogen, maar we wilden ons verhaal zoveel mogelijk in beelden vertellen, ik wou niet alles uitleggen, niet elk detail invullen voor het publiek. We hebben het verhaal bijgeschaafd en verrijkt, maar bleven toch heel dicht bij de ziel en de geest van het boek.

Wanneer Tess er niet is om mee te praten, praat Sam vaak in zichzelf. Zo’n innerlijke dialoog is best wel riskant. Hoe raakte je daar mee weg?

Wouterlood: Soms hoor je Sams gedachten luidop in een voice-over. Maar ik wilde niet dat die de aandacht weghaalde van de beelden, die het werkelijke verhaal vertellen. Het was belangrijk om daarin de juiste balans te vinden, zowel bij het schrijven als in de montage. Daarin waren we heel nauwgezet, en ik ben blij dat het werkt.

Het verhaal speelt zich af op een eiland en dat specifieke ‘eilandgevoel’ is tastbaar aanwezig in de film.

Wouterlood: Mijn bijzonder rare week met Tess werd opgenomen op Terschelling, een zalige plek. Ik ging er als kind op vakantie en herinner het mij als een eindeloos speelterrein. Het voelt als een veilige plek, waar ook ouders zich met een gerust hart kunnen ontspannen. Daardoor krijgen Sam en Tess de vrijheid om samen op verkenning te gaan. Het eilandgevoel zit ‘em in de veerboot, de toeristen, de duinen en uitgestrekte stranden. 

Sonny Coops van Utteren (in de rol van Sam): We kregen veel hulp van de eilandbewoners. Bijna alle figuranten waren mensen van het eiland, of toeristen die we aanklampten wanneer ze van de ferry stapten. En we hadden geluk met het weer - de zomers hitte paste uitstekend bij de sfeer van het verhaal.

Was het erg om een hele zomer lang zo hard te werken?

Wouterlood: Voor de acteurs was de hitte soms wel belastend, maar we probeerden samen te ontspannen door onnozele dingen te doen: dansen, zingen, de idioot uithangen. De sfeer op de set was heel prettig.

Coops van Utteren: We hadden een zalige crew. We hingen de hele tijd samen rond. Voor de camera voelde ik me een acteur, maar zo gauw de opname was afgelopen, voelde ik me net een toerist. Het is echt een bijzondere plek.

Steven Wouterlood & Sonny Coops van Utteren

Er zitten heel wat waterscènes in de film, opgenomen in zee.

Wouterlood: Door dat prachtige weer was het makkelijk om in zee te filmen, hoewel het water toch nog koud was. De acteurs werden op het strand opgewacht met badjassen en warme kruiken. Filmen op het strand met een 40-koppige crew vraagt om een nauwkeurige voorbereiding. Alle transport gebeurde met platte karren en een tractor. Vaak sprongen we op het einde van een draaidag zelf nog even in zee. Dat is het voordeel van draaien in de zomer!

Ik kom naar je begrafenis,” is geen evidente quote om te zeggen tegen iemand die je net leerde kennen. Maar uit Tess haar mond klinkt het erg lief.

Wouterlood: Tess is eigenzinnig en vindingrijk, net zoals Sam. Ze is één van de weinigen die Sam meteen begrijpt en dat maakt hun band zo bijzonder. Ze gooit haar gevoelens niet snel op tafel. “Ik kom naar je begrafenis” is voor haar een indirecte manier om tegen Sam te zeggen dat ze om hem geeft. Typisch Tess!